Filosoof geeft eerste hulp bij ‘onmogelijke’ vragen van kinderen: “Begin met te zeggen dat je het zelf niet weet”

School, Studenten, Kinderen, Boord, Kleurpotloden

“Waarom doen mensen elkaar pijn?” “Is er leven na de dood?” “Wat is de zin van dit alles?” Kinderen overvallen volwassenen maar wat graag met de moeilijkste vragen, en liefst op de meest onmogelijke momenten. Een gepast antwoord vinden is niet eenvoudig, maar het eerste kinderboek van filosoof Ignaas Devisch (50) kan zeker helpen.

Eerlijk is eerlijk: nog niet zo lang geleden was het niet eens lastig om kinderen de mond te snoeren. Zinnen als ‘waarom? daarom!’ of ‘omdat ik het zeg’ volstonden als antwoord. “Vijftig, zestig jaar geleden leerden kinderen om op te kijken naar mensen zoals hun ouders, de leerkracht of de pastoor”, zegt Ignaas Devisch, hoogleraar medische filosofie en ethiek aan de Universiteit Gent. “Als zo’n autoriteit sprak, gingen we ervan uit dat het wáár was wat die vertelde. Verder moesten we niet zoeken naar het antwoord op de vraag: ‘hoe weten we of iets waar is?'”
“Daarnaast komt er nu veel meer informatie op kinderen af dan vroeger. Heel wat zaken komen al snel hun leefwereld binnen: geweld, terrorisme, volwassenen die naaktfoto’s naar elkaar sturen… Kinderen stellen zich daar vragen bij. En die kunnen ze héél goed verwoorden, ook al hebben wij dan niet echt een debat- of praatcultuur zoals in Nederland. Ja, het is zo dat kinderen soms heel moeilijke vragen kunnen stellen. Als ouder moet je geen schrik hebben van zo’n gesprek. Weet je het antwoord zelf niet, dan geef je dat best gewoon toe. Deel je ongemak omdat je zelf niet alle antwoorden weet. Het kind zal zo heel snel voelen dat het ruimte krijgt.”
Gevaar dat je kind op je zal neerkijken als je niet meer de alwetende ouder bent, is er volgens Devisch niet. Je kind zal je net respecteren omdat je het vertrouwen geeft. En als het komt aandraven met een onmogelijke vraag op een onmogelijk moment, mag je dat volgens de prof gewoon aangeven: “Zeg dat het een interessante vraag is en dat je er later op zal terugkomen. Dan weet het kind dat zijn vraag gehoord is.” Voorwaarde is wel dát je later met de vraag samen aan de slag gaat.
Devisch schreef zijn boek nog in onverdachte precorona-tijden, maar het is intussen actueler dan ooit. Het virus zorgt voor veel meer vragen, ook bij kinderen. Hoe moeten ze – als het gaat over Covid-19 – ooit het onderscheid maken tussen opinies, bewerkte feiten en waarheden? Devisch reikt in zijn boek een aantal opstapjes aan om over deze en andere vragen te filosoferen. Hieronder vindt u vier opstapjes.

Antwoorden zoals ‘het is zo’ of ‘omdat ik het zeg’ frustreren kinderen enormHoogleraar Ignaas Devisch

Hoe weten we of iets waar is?

Devisch: “De waarheid, dat is een oerfilosofisch probleem. Via sociale media krijgen kinderen heel veel beelden en informatie binnen. Je moet hen leren om kritisch naar hun scherm te kijken en om niet alles zomaar voor waar aan te nemen. Wat wordt er gezegd en waarom? Wat heb je gehoord? Waarom plaatst iemand deze foto op het internet? Kinderen afschermen van sociale media is geen goed idee. Als je hen niet leert hoe ze kritisch om moeten gaan met al die informatie, zijn ze vaak een vogel voor de kat.”

Is er leven na de dood?

“Hierover worden heel veel constructies verzonnen, zoals oma is nu een sterretje aan de hemel. Niets op tegen, maar je kind zal doorvragen: wat bedoel je dan precies? Geef toe dat je er zelf geen weg mee weet. Antwoorden zoals ‘het is zo’ of ‘omdat ik het zeg’ frustreren kinderen enorm. De wereld is veranderd. Begin met te zeggen dat je het zelf niet weet. Dan voelt het kind dat zijn ouders eerlijk zijn én dat het moeilijk is.”

Waarom doen mensen elkaar pijn?

“Kinderen worstelen met die vraag, want het fenomeen pesten kennen ze heel goed. Het gaat erom het hele verhaal achter het pesten te zoeken. Wie doet wie pijn? Waarom? Is de pester iemand die vroeger zelf gekwetst is? Dat zijn heel complexe vraagstukken die je niet kan afdoen met één of twee zinnen. Maar dat geldt voor alle vragen. Je mag dat ook eerlijk zeggen: deze vraag is zo moeilijk dat we die niet in 1, 2, 3 kunnen beantwoorden.”

Wat maakt mij gelukkig?

“Kinderen zijn al heel vroeg bezig met de vraag wat hen gelukkig maakt, wat ze nodig hebben om gelukkig te zijn. Als volwassenen daarover met hen praten, wordt de vraag ‘wat wil je doen in het leven’ algauw verengd tot ‘wat wil je later studeren’. Je kan samen met je kind op zoek gaan naar antwoorden en daaruit zal een enorm potentieel blijken. Het mooie is dat kinderen nog geen positie hebben ingenomen. Ze hebben geen vastgeroeste denkbeelden die ze moeten verdedigen.”

BRON: https://www.hln.be/binnenland/filosoof-geeft-eerste-hulp-bij-onmogelijke-vragen-van-kinderen-begin-met-te-zeggen-dat-je-het-zelf-niet-weet~a392ce44/

Op een moment komen kinderen met vragen. De ouders weten vaak niet hoe ze moeten reageren. En al snel komt het antwoord vraag dit maar aan mama of papa. Naar gelang waar de vraag over gaat. Probeer altijd zo eerlijk mogelijk en op een kindvriendelijke manier erop te antwoorden. Je kan er altijd een verhaal rond maken. Zodat het antwoord ook begrijpbaar is. Heel veel vragen zijn natuurlijk rond de problematiek waar ze nu inzitten. Maar ook vragen over seksualiteit komen op een moment aan de orde. Het is altijd belangrijk als ouder dat je laat voelen dat je naar je kind luistert. Zodat deze ook aanvoelt als ze met een vraag zit deze altijd kan stellen. Zonder dat het kind een angst moet hebben.
Als ouder kan je soms ook het internet gaan gebruiken of erbij roepen.
Ook zal het kind vaak antwoorden WAAROM. En dat is juist het moeilijke om dan verder te gaan. Telkens er een waarom vraag komt mag je als ouder ook altijd zeggen ik weet het echt niet.
Het is zeker niet altijd makkelijk om hun vragen te beantwoorden.

Soms kan het ook nuttig zijn om je kind zelf op onderzoek uit te laten gaan. Maar dan met een ouderlijk oog erop gericht.

Familie, Kinderen, Vader, Moeder, Strand, Sun

AUM NAMASTE BOEDDHA BRUNO
Om Shanthi,
spiritueel en het aardse moet men kunnen verbinden

AUM MANI PADME HUM