Je relatie onder druk door een eetstoornis

In boeken, getuigenissen en documentaires over eetstoornissen wordt vaak gefocust op het stereotiepe beeld van de patiënt: jonge, graatmagere meisjes die worstelen met een onbereikbaar schoonheidsideaal. Wat vaak vergeten wordt is dat veel mensen met een eetstoornis ouder zijn en een partnerrelatie hebben die sterk onder druk staat door hun stoornis.
Tekst Karolien Selhorst 

Tom (48) heeft sinds vijf jaar een relatie met Anna, die al tien jaar anorexia heeft. ‘Een eetstoornis maakt dat je met drie in een relatie zit. De derde entiteit is een duivel. In het begin besef je dat niet. Je wordt verliefd op een vrouw die als mens echt heel veel warmte uitstraalt, erg gevoelig is. Een vrouw die in haar carrière prachtige dingen heeft verwezenlijkt. Een aantrekkelijke vrouw, dat zeker ook. Kortom: iemand voor wie je in alle andere omstandigheden zou vallen. Alleen is ze ergens voor jouw tijd ten prooi gevallen aan een eetstoornis. Maar is dat nu een probleem? Geen twijfel toch: je liefde zal echt wel sterk genoeg zijn om haar “eens eventjes” uit die ziekte te halen. Laat nu één ding duidelijk zijn: ofwel komt je partner uit de ziekte, ofwel trekt ze jou er mee in. Een tussenweg is er niet. En die eetstoornis: ze liegt, ontkent, creëert hoop, ontgoochelt, wint tijd, misleidt, doet werkelijk alles om zich in stand te houden. Je hebt haar zo onderschat. Je haat haar zo verdomd grondig! Want ze isoleert je van je vrienden, van je familie, je kinderen. Ze maakt zoveel onmogelijk waar je vroeger zo om gaf. Je bent er nog maar nauwelijks meer voor mensen die je ook nodig hebben. Maar je beseft ook: de vrouw op wie je zo verliefd werd is daar nog ergens. Zij is het grootste slachtoffer. En als je bij haar weggaat lever je haar helemaal over aan die duivel. Dat verdient ze niet. Dus blijf je. En hoop je dat ze ooit de sterkte zal vinden. Maar tot nu toe, na enkele jaren, heeft dat voor ons nog niet mogen zijn. Integendeel.’ Het verhaal van Tom klinkt Els Verheyen, psychologe bij de eetstoornisvereniging AN-BN, helaas bekend in de oren: ‘Partners onderschatten vaak de impact, de ernst en de complexiteit van een eetstoornis. Nooit hadden ze kunnen inschatten hoeveel spanning en angst de eetmomenten telkens met zich meebrengen.’

Vreten aan je relatie
Omgaan met een eetstoornis – de ‘derde persoon’ in een relatie – is voor koppels vaak een dubbelzinnig iets: samen de eetstoornis of moeilijke situaties overwinnen brengt je als koppel enerzijds dichter bij elkaar, anderzijds kan de ziekte een onoverbrugbare afstand creëren tussen partners en zelfs een definitieve breuk in de hand werken. Els Verheyen beaamt: ‘Eetstoornissen zoals anorexia, boulimia nervosa en binge eating disorder ontstaan doorgaans in de puberteit of vroege volwassenheid. Wat veel mensen echter niet weten is dat 20 tot 50 % van de eetstoornispatiënten niet of maar gedeeltelijk herstellen. Ook tijdens hun volwassen leven hebben die mensen te kampen met een overmatige focus op eten. Ze voelen zich slecht in hun vel en zijn onzeker en angstig. Dat kan ook gevolgen hebben voor de relatie. Dagelijks geconfronteerd worden met de gevolgen van een eetstoornis kan bij partners leiden tot onzekerheid, spanningen, bezorgdheid, kwaadheid, machteloosheid, angst … Onderzoek leert ons dat er twee vaak voorkomende reacties zijn bij koppels waarvan een van de partners een eetstoornis heeft. Ofwel worden conflicten vermeden door er niet over te praten, ofwel zijn er juist frequente conflicten over het eten, over stemmingswisselingen of over affectie en intimiteit. Daarnaast zien we dat partners doorgaans ofwel in de rol van redder treden, ofwel veronderstellen dat de eetstoornis enkel het probleem is van de ander. Waarom zou je hulp zoeken voor jezelf of voor jullie als koppel als het probleem eigenlijk bij de ander ligt? Daardoor bestaat de kans dat de eetstoornis tussen het koppel in komt te staan, als een soort derde partij in de relatie. De eetstoornis zorgt ervoor dat de partner mentaal in zichzelf gekeerd raakt, waardoor de ander misschien een (fysieke) afstand voelt. Intimiteit kan een probleem worden en de communicatie kan stroef verlopen.’

Ondermijnd vertrouwen

Dat een eetstoornis zwaar kan wegen op een relatie, daar weet Ellen (39), die al meer dan tien jaar anorexia heeft, alles van: ‘Eten heeft altijd een te grote rol gespeeld in onze relatie. Want het gebeurt nooit spontaan, er is altijd goed over nagedacht. Zomaar in een frituur binnenspringen of snel iets bij de bakker halen kan niet. Er wordt ook ruzie over gemaakt als mijn partner iets klaarmaakt en dat met te veel vetstof doet – in mijn ogen dan toch. Mijn partner moet dikwijls alleen van iets eten, omdat ik het weiger. Ook etentjes of uitstapjes verlopen niet langer spontaan of zijn zelfs onmogelijk, wat ons als koppel isoleert van anderen.’ Verheyen: ‘Eetstoornissen hebben vaak een nefaste invloed op het vertrouwen tussen beide partners. Wie een eetstoornis heeft kan de neiging hebben om de ziekte verborgen te houden voor de buitenwereld en soms ook voor de partner – zeker als de relatie nog pril is. Het gevaar is immers groot dat de partner uit bezorgdheid probeert in te grijpen en de controle wil overnemen. Liegen over het eetgedrag of emoties lijkt dus vaak de enige optie. Alleen, wanneer een partner die “leugentjes om bestwil” ontdekt zal hij zich bedrogen voelen, met alle gevolgen van dien.’ Ook bij Ellen is dat het geval: ‘De eetstoornis haalt je ergens dichterbij, maar eigenlijk duwt ze je vooral verder van iemand af. Dat heeft twee redenen: anderen snappen het niet echt, hoe goed je het ook probeert uit te leggen, en zelf wil je het in se ook niet helemaal delen, alsof de eetstoornis iets “van jezelf” is.’ Ook haar ernstige ondergewicht en het gebruik van antidepressiva vlakken haar gevoelens en haar vermogen om te genieten af: ‘Hij mocht me niet aanraken. Ik was heel onzeker over mijn lichaam en schaamde me ervoor. Ik kon me ook niet ontspannen.’ Ook bij Lize (29), die sinds vijf jaar boulimia heeft, weegt de eetstoornis op de relatie met haar partner: ‘Mijn man wordt vaak boos, omdat ik zo weinig of helemaal niks eet. Wanhopig probeert hij dan allerlei manieren te verzinnen om me wel te doen eten.’ Uit pure bezorgdheid en hoop op beterschap ging haar man zelf de rol van dokter of therapeut overnemen, wat uiteraard niet de bedoeling is. Lize: ‘Jan heeft me altijd gesteund en bood altijd een luisterend oor. Ik kon alles bij hem kwijt. Maar op den duur ging hij daar te ver in. Hij wilde té goed doen en werd meer mijn therapeut dan mijn partner.’

Is er hoop?
Is er, ten slotte, nog hoop op verbetering voor koppels waarvan een van de partners kampt met een eetstoornis, of is een breuk op termijn onvermijdelijk? Els Verheyen: ‘Relatietherapie kan helpen om de communicatie weer op gang te brengen. Ook kunnen koppels samen op zoek gaan naar manieren om de impact van de eetstoornis zo veel mogelijk in te perken. Een tip die ik nog wil meegeven is dat het steunend kan zijn voor partners om zich beter te informeren over eetstoornissen en om steun te zoeken om het zorgen voor de partner te kunnen blijven volhouden. Onderzoek bij partners leert ons immers dat ze zich hopeloos kunnen voelen, dat ze het gevoel hebben hun partner niet meer te kunnen helpen en dat ze het risico lopen om zich te isoleren. Meestal zal de persoon met een eetstoornis hulp voor zichzelf moeten zoeken, maar ook als koppel kan je op zoek gaan naar begeleiding. Op die manier kunnen partners goede supporters worden. ’

‘Na mijn opnames hebben mijn man en ik nooit meer gepraat over mijn eetstoornis’

Linde (55) is 35 jaar getrouwd en lijdt al sinds haar zestiende aan een eetstoornis

‘Mijn man is altijd op de hoogte geweest van mijn eetstoornis. De ziekte – in mijn geval veeleer de gevolgen van het overmatig gebruik van laxeermiddelen – heeft onze relatie altijd beïnvloed. Vooral de weekends samen waren heel stresserend. Ik at wel maar heel weinig of erg selectief, waardoor gezellig tafelen of uit eten gaan onmogelijk was. Toch denk ik niet dat het in mijn geval de eetstoornis is geweest die onze relatie erg moeilijk heeft gemaakt, maar veeleer de gevolgen van het misbruik van laxeermiddelen. Steun heb ik nooit gehad van mijn man, zeker niet tijdens mijn twee opnames. Meer nog: ik moest die opnames zelfs staken omdat hij klaagde dat hij het erg zwaar vond om het huishouden zelf te doen. Pas na erg lang aandringen wou hij op gesprek gaan als koppel. Na mijn opnames hebben we nooit meer gepraat over mijn eetstoornis en eerlijk gezegd heb ik daar totaal geen zin meer in. Ik vind nu veel meer steun bij een goede vriendin en mijn jongste broer en schoonzus.’

Welke eetstoornissen zijn er?

Anorexia nervosa is wellicht de meest bekende eetstoornis. Er zijn twee types anorexia: het restrictieve of beperkende type en het purgerende type. Mensen die lijden aan het eerste type eten weinig of caloriearm en zijn soms ook fysiek overactief. Iemand die lijdt aan het tweede type zal gebruikmaken van laxeermiddelen of braken. Mensen met boulimia nervosa hebben last van dwangmatige eetbuien, die ze meestal geheimhouden. Ze voelen dan een sterke drang naar voedsel opkomen en kunnen daar niet aan weerstaan. Daardoor ervaren ze een groot controleverlies. Mensen met boulimia nervosa hebben meestal een normaal gewicht, hoewel het soms erg kan schommelen. Daarom duurt het soms jaren voordat de omgeving de signalen herkent. Mensen met boulimia ervaren net als mensen met anorexia een drang naar gewichtsverlies en mager zijn maar door de eetbuien slagen ze er niet in om dat ideaal te bereiken. Ook bij boulimia nervosa zijn er twee subtypes. Mensen die aan het purgerende type lijden zullen vooral zelfopgewekt braken of laxeermiddelen gebruiken om hun eetbuien te compenseren, terwijl iemand met het niet-purgerende type de periodes van eetbuien afwisselt met periodes van vasten en overmatig bewegen. Wanneer mensen na hun eetbuien niet regelmatig compenseren spreken we van een eetbuistoornis of binge eating disorder. Dat uitblijven van het compensatiegedrag is het grootste verschil tussen de eetbuistoornis en boulimia nervosa. Naast die drie grote groepen eetstoornissen zijn er nog een aantal minder bekende vormen zoals bijvoorbeeld pica (de neiging om niet-eetbare dingen te eten).

0orzaken en gevolgen

Een eetstoornis is een complexe aandoening die veroorzaakt wordt door allerlei factoren op biologisch, psychologisch en sociaal gebied: genetische factoren, een ontregeling in de werking van hersengebieden of neurale netwerken, negatieve zelfevaluatie (zelfwaardering), perfectionisme, een angstige, dwangmatige of borderline persoonlijkheid, negatieve commentaar van familieleden op iemands eetgedrag, uiterlijk en gewicht, parentificatie (als kind een ouderrol opnemen) en belastende ervaringen zoals pesterijen, misbruik, mishandeling of verwaarlozing. De laatste tien jaar is er een grote belangstelling voor het onderzoek naar biologische oorzaken. Die zouden in de genen en hersenactiviteit van mensen met een eetstoornis kunnen liggen. Er is echter nog veel onderzoek nodig vooraleer wetenschappers daar met zekerheid uitspraken over kunnen doen. De gevolgen van eetstoornissen manifesteren zich op drie grote domeinen: fysieke (osteoporose, vruchtbaarheidsproblemen bijvoorbeeld), psychologische (angst, depressie) en sociale gevolgen (het contact met familie en vrienden verloopt vaak moeilijk, waardoor mensen geïsoleerd raken, mensen met een psychische aandoening worden dikwijls gestigmatiseerd). Mensen die op latere leeftijd (nog) aan een eetstoornis lijden verschillen op het eerste gezicht maar weinig van hun jongere lotgenoten. Toch kunnen de fysieke (osteoporose bijvoorbeeld) en psychologische gevolgen van een eetstoornis anders zijn bij volwassenen dan bij jongeren. Ook op sociaal gebied zijn er een aantal belangrijke verschillen. Zo heeft een eetstoornis niet alleen een ingrijpende invloed op het eigen functioneren van iemand die aan de ziekte lijdt maar ook op dat van de mensen die met haar of hem samenleven, zoals de partner.

Meer info

De vereniging Anorexia Nervosa- Boulimia Nervosa:www.anbn.be

BRON: http://www.psychologies.be/nl/_/relatie/je-relatie/je-relatie-onder-druk-door-een-eetstoornis-r2092?category=77&pg=1
Door dit psychisch probleem krijg je er nog andere problemen bij dat ze alles nog zwaarder maakt. Je sociaal leven zie je veranderen in je relatie voel je meer negatieve druk en je kan je eigenlijk niet echt uiten. Of de andere zeggen maar een ding je wordt mager je moet eten. Maar daar heb je meestal geen boodschap aan. Het is al moeilijk om te zeggen dat je een probleem hebt dat je een eetstoornis hebt. Angst om weer allerlei vragen naar je hoofd gegooid te krijgen. Eens dat je met dit geconfronteerd wordt moet jezelf leren goed in de hand te houden. En proberen van anders te denken en te gaan leven. Ook in een relatie waar gedacht wordt aan een kinderwens kan dit voor deze mensen zeer moeilijk waar gemaakt worden. 

AUM NAMASTE BOEDDHA BRUNO
Om Shanthi,
spiritueel en het aardse moet men kunnen verbinden

http://users.telenet.be/Boeddha_Bruno/

 

AUM MANI PADME HUM