Hoe (ab)normaal is jouw vergeetachtigheid?

© thinkstock.

Maar liefst veertig procent van de bevolking tussen de 25 en 85 jaar klaagt over vergeetachtigheid. Acht procent maakt zich zelfs ernstige zorgen over zijn geheugen, zo blijkt uit recent onderzoek. Reden tot paniek? Wij trokken naar de geheugenkliniek van het UZ Leuven voor meer duidelijkheid.

Of het nu gaat om het oproepen van een telefoonnummer, vertellen wat je afgelopen weekend meemaakte, je herinneren waar je auto geparkeerd staat of de naam onthouden van iemand die je onlangs ontmoette … Het geheugen is beslist dé hersenfunctie die we het vaakst gebruiken en daardoor onmisbaar om goed te kunnen functioneren. Niet verwonderlijk dus dat veel mensen zich zorgen maken wanneer hun geheugen het laat afweten. Gelukkig is dat niet altijd nodig. ‘We moeten een onderscheid maken tussen normale klachten die bij het ouder worden horen, en pathologische klachten’, zegt professor Rik Vandenberghe, adjunct- kliniekhoofd neurologie van het UZ Leuven. ‘Weten dat er geen sprake is van een neurologisch probleem is vaak al voldoende om mensen weer meer vertrouwen te geven, wat de werking van het geheugen sowieso bevordert.’

Niet één geheugen
In plaats van te spreken over het geheugen, zouden we het beter over onze geheugens hebben. Ons brein bevat immers niet één maar verschillende geheugenstelsels. Ieder stelsel slaat een ander soort informatie op. Je kan dus niet alle geheugenklachten over dezelfde kam scheren. Niet meer weten wat je in de kelder ging doen, je de naam van je kleindochter niet meteen herinneren of je wagen niet terugvinden op een parking wijzen telkens op een ander probleem. Over het korte- en het langetermijngeheugen hebben we al gehoord, maar de werking van ons geheugen is complexer dan dat. Vanaf wanneer we iets voor langer dan een halve minuut willen opslaan, maken we gebruik van het langetermijngeheugen, dat op zijn beurt uit verschillende types bestaat. ‘Mensen worden het meest met problemen met het episodisch geheugen geconfronteerd’, zegt professor Vandenberghe.

‘Dat geheugenstelsel staat in voor het onthouden van persoonlijk doorgemaakte gebeurtenissen. Het merkwaardige aan dit geheugen is dat het oproepen van informatie spontaan gebeurt, zonder dat je er moeite voor moet doen. Het is als een naslagwerk van wat je de voorbije minuten, uren, dagen, weken en jaren meegemaakt hebt.’ Naast het episodisch geheugen speelt ook het semantisch geheugenstelsel een cruciale rol in ons dagelijkse functioneren. Het bevat een schat aan informatie die we in een vroege fase van ons leven opgeslagen hebben: de betekenis van woorden, concepten … ‘Zo weet je bijvoorbeeld dat het woord ‘hond’ naar een dier verwijst en ken je allerlei weetjes over honden. Al die kennis heb je in je vroege kinderjaren opgedaan, zonder te weten wanneer precies. Dat die informatie al zo lang in het geheugen ingebed is, is wellicht ook de reden waarom het semantisch geheugen vrij goed bestand is tegen veroudering.’ Ook het proceduraal geheugen blijft met het ouder worden redelijk goed overeind. ‘Het proceduraal geheugen is belangrijk voor alle vaardigheden die verbeteren naarmate je het vaker doet, zoals autorijden, tennissen …’, verduidelijkt de professor. ‘We merken dat dit deel van het geheugen bij ouderen en zelfs bij alzheimerpatiënten goed bewaard blijft. Problemen met het topografische geheugen, een vierde deel van het langetermijngeheugen, komen bij deze groep wel vaak voor. Je zou dat geheugenstelsel ook onze interne gps kunnen noemen die je nodig hebt om van punt a naar punt b te geraken en die ook belangrijk is voor je ruimtelijk inzicht.’

(Ab)normaal?
Met het verouderen gaat de werking van het geheugen er onvermijdelijk op achteruit. ‘Vooral het episodisch en het topografisch geheugen zijn al relatief vroeg, vanaf de leeftijd van veertig jaar, gevoelig voor veroudering’, weet prof. Vandenberghe. ‘Het is dan ook een uitdaging om een onderscheid te maken tussen normale geheugenklachten en problemen die op een geheugenziekte kunnen wijzen. Mensen zoeken steeds vroeger medische hulp. Ze wachten niet tot wanneer hun klachten zo ernstig zijn dat ze de dagelijkse activiteiten bemoeilijken. Dat is goed en past ook binnen de gedachte die binnen het onderzoek naar alzheimer leeft, namelijk dat eventuele nieuwe behandelingen in een vroege ziektefase opgestart zouden moeten worden. Maar het is natuurlijk ook zo dat een correcte diag-nose bij beginnende klachten niet eenvoudig is. Neuropsychologisch onderzoek speelt daarbij een belangrijke rol. Een van de meest gebruikte testen is de vijftienwoordentest waarbij we vijftien woorden voorlezen die onderling geen samenhang vertonen. Dit herhalen we vijf keer vooraleer we overgaan op een andere opdracht. Tien minuten later vragen we de patiënt wat die vijftien woorden waren. Door hun testresultaten te vergelijken met die van proefpersonen zonder geheugenklachten en van dezelfde leeftijd, krijgen we een indicatie van de graad van het geheugenprobleem.

Daarnaast kijken we naar het type geheugenklachten. De weg niet meer kennen in een vertrouwde omgeving, je wagen niet terugvinden op de parking van een supermarkt, zichzelf herhalen tijdens een gesprek … doen eerder aan geheugenziekten denken. Deze klachten refereren immers naar het episodisch en topografisch geheugen, die beide op de hippocampus steunen, het hersendeel dat bij de ziekte van Alzheimer aangetast wordt. Ook als courante woorden niet meer te binnen schieten of je de betekenis ervan niet meer kent, kan dat alarmerend zijn. In hoeverre de geheugenklachten een invloed hebben op het dagelijkse leven is een derde belangrijk criterium. In welke mate is iemand nog in staat om financiële verrichtingen uit te voeren, medicatie te nemen … Zulke handelingen vergen planning, organisatie en coördinatie. Bij veel patiënten met beginnende alzheimer verloopt dat moeizaam. Tot slot doen we steeds een bloedname en is ook medische beeldvorming belangrijk voor een correcte diagnosestelling. Met een MRI kunnen we onder meer de grootte van de hippocampus in kaart brengen. Die neemt ook bij gezonde mensen af met het ouder worden, maar bij alzheimer gebeurt dat sneller.’ Weten wat de oorzaak is van het geheugen- probleem is belangrijk, zowel voor de patient als voor zijn omgeving. ‘Niet alleen om eventueel medicatie op te starten – dat kan enkel wanneer er sprake is van de ziekte van Alzheimer, waarbij er een impact is op het dagelijks functioneren – maar ook om zich beter aan het probleem aan te passen. Zo adviseren we om niet te veel aandacht op het geheugenprobleem te vestigen en is het onnodig om telkens te corrigeren. Dat helpt niet en werkt frustraties in de hand.’

Emotionele problemen
Bepaalde geheugenklachten kunnen op een probleem wijzen, maar veel klachten zijn gelukkig onschuldig. Prof. Vandenberghe: ‘Zo krijgen we heel wat vijftigers over de vloer die zich zorgen maken over zogenaamde action errors. Naar de kelder gaan en niet meer weten wat je er kwam doen, is daar een voorbeeld van. Dergelijke actiefouten refereren naar een handeling die in de toekomst zou gebeuren. Ze zijn doorgaans onschuldig en verwijzen naar een deel van het geheugen dat niet op de werking van de hippocampus berust. Bij het merendeel van deze patiënten liggen emotionele problemen aan de basis van hun klachten. Dat hoeft niet per se een depressie te zijn. Ook worstelen met existentiële vragen, stress … hebben een impact op de werking van het geheugen.’ Ook dertigers die klagen over vergeetachtigheid, hoeven zich meestal niet al te veel zorgen te maken. Jonge kinderen in huis of een drukke job kunnen de nachtrust in het gedrang brengen, wat het geheugen niet ten goede komt. ‘De remslaap is belangrijk voor het versterken van het geheugenspoor’, verduidelijkt de prof. ‘Tijdens je slaap heb je gemiddeld een vijftal remslaapperiodes. Wordt je nachtrust verstoord, dan heeft dat dus ook een effect op je geheugen. Slaapgebrek zorgt ervoor dat je overdag meer moeite hebt met complexe aandacht. Na een vergadering zal je moeilijker kunnen oproepen wat er gezegd werd. Om informatie op te kunnen slaan in je geheugen, heb je immers voldoende aandacht nodig.’

Gezonde levensstijl
Dat overdreven alcohol nefast is voor je geheugen zal je niet verbazen. Misschien kampte je zelf al eens met een black-out na een avond met veel alcohol. Gaat het over iets eenmaligs, dan hoef je je geen zorgen te maken over blijvende schade, maar voor wie dagelijks veel alcohol drinkt, liggen de kaarten anders. ‘Elke dag vijf alcoholische consumpties drinken brengt de werking van je geheugen in gevaar’, zegt Vandenberghe. ‘Om je geheugen weer op punt te brengen volstaat het om je alcoholgebruik terug te schroeven naar een à twee glaasjes per dag. Tenzij het geheugenverlies door overdreven drankgebruik al zo vergevorderd is dat er sprake is van het syndroom van Korsakov, waarbij geen herstel mogelijk is.

Ook het langdurig gebruik van bepaalde pijnmedicatie kan geheugenklachten uitlokken.’ Om je geheugen gezond te houden zijn er gelukkig ook enkele maatregelen die een bewezen werking hebben. ‘Zo weten we dat aerobe training – waarbij de hartslag tussen de 120 en 145 schommelt – een gunstig effect heeft op het volume van de hippocampus. Dagelijks een halfuur lopen bijvoorbeeld, komt je geheugen ten goede. Fysieke activiteit is ook belangrijk voor een algemene cardiovasculaire fitheid, wat op zijn beurt cruciaal is voor een goede hersenwerking. Een gezonde bloeddruk, bloedsuikerspiegel en een gezond cholesterolgehalte zijn ook belangrijk om je geheugen op peil te houden. Het is bekend dat een mediterraan voedingspatroon daartoe bijdraagt.’ Je met volle overgave op geheugentrainingsschema’s storten heeft weinig zin. ‘Na verloop van tijd zullen die oefeningen vlotter gaan, maar of dat ook een impact heeft op het dagelijks functioneren, is nooit bewezen. Intellectueel actief blijven is wel belangrijk voor het geheugen. Hou je van kruiswoordraadsels, dan past dat prima bij dat advies, maar jezelf een trainingsschema opleggen louter om je geheugen te verbeteren, heeft geen zin. Kies liever voor iets dat je oprecht interesseert en je een positief gevoel bezorgt.’

BRON: http://www.goedgevoel.be/gg/nl/11/Psychologie/article/detail/2157574/2014/12/19/Hoe-ab-normaal-is-jouw-vergeetachtigheid-.dhtml

We spreken van een kort termijn geheugen en iemand die lang kan onthouden. Nu vergeetachtigheid komt vaak voor en soms staan we er niet bij stil dat het soms tot een zwaar probleem kan leiden. Er zijn mensen die zo vergeetachtig bent dan ze niet begrijpen dat het voor bepaalde niet leuk meer is. Nu men kan dan wel bepaalde dingen doen, opschrijven ergens een briefje hangen. Dat kan allemaal een hulp zijn. Toch is het zo in sommige situaties zal iemand sneller iets vergeten dan dat iemand in een rustig moment zit. 

AUM NAMASTE BOEDDHA BRUNO
Om Shanthi,
spiritueel en het aardse moet men kunnen verbinden

http://users.telenet.be/Boeddha_Bruno/

 

AUM MANI PADME HUM